Vertrouwen. Ik heb er de laatste tijd veel over nagedacht. Het is zo’n gewoon woord, iets wat we vaak gebruiken zonder er echt bij stil te staan. We vertrouwen op anderen, op het leven, op dingen die we niet kunnen controleren. Maar hoe werkt vertrouwen nu eigenlijk?
Ik merk bij mezelf dat ik vertrouwen vaak buiten mezelf zoek. Bij de mensen om me heen, bij de resultaten van mijn werk, bij hoe de dingen lopen. Alsof vertrouwen iets is dat anderen me moeten geven, of dat ik het kan afdwingen door hard mijn best te doen. Ervaring leert; dat werkt niet zo. Vertrouwen is geen contract, geen garantie, geen belofte die in steen gebeiteld staat. Het is iets levends, iets dat groeit en krimpt, iets dat ademt.
Ik ben me er steeds meer van bewust dat vertrouwen eigenlijk begint bij mezelf. Als een soort anker. Als ik weet dat ik mezelf kan dragen, ongeacht wat er om me heen gebeurt, dan wordt het makkelijker om de onvoorspelbaarheid van het leven te accepteren. Dat betekent niet dat ik nooit meer op een ander hoef te vertrouwen, we hebben elkaar immers nodig, we zijn sociale wezens. Maar als ik die kunst echt onder de knie krijg dan betekent het dat ik niet langer afhankelijk hoef te zijn van hoe anderen reageren, of van hoe de omstandigheden zich ontwikkelen.
Soms betrap ik mezelf erop dat ik vertrouwen probeer af te dwingen. Ik denk dan: als ik maar genoeg doe, als ik maar genoeg geef, als ik maar genoeg controleer, dan zal alles goed gaan. Maar dat is geen vertrouwen. Dat is angst. Echt vertrouwen ontstaat niet uit controle, maar uit loslaten. Uit het besef dat ik niet alles hoef te weten, niet alles hoef te regelen, niet alles hoef te garanderen. Vertrouwen is de moed om te zeggen: ik weet niet hoe dit gaat, maar ik weet wel dat ik mezelf kan vertrouwen, welke kant het ook op gaat.
Het is een proces, dat vertrouwen. Soms voelt het als een stevige grond onder mijn voeten, soms als een wankel bruggetje. Maar elke keer dat ik mezelf toesta om te voelen wat er is, zonder oordeel, zonder eis, groeit dat vertrouwen een beetje. Het is geen rechte lijn, geen eindbestemming. Het is een pad, met stappen vooruit en stappen terug. En dat is oké.
Misschien is vertrouwen wel het meest simpele en het meest complexe wat er is. Het gaat niet om de zekerheid dat de wereld zich naar onze verwachtingen schikt, maar om de moed om te blijven staan wanneer die verwachtingen niet uitkomen. Het is niet de afwezigheid van twijfel, maar het besef dat je jezelf kunt dragen, zelfs als de rest onzeker is. En misschien, heel misschien, is dat wel de grootste vorm van vertrouwen die er is.
Fotocredits: Solid Gold Stories